Joost kijkt TV

Applicatie Joost zorgt voor omwenteling in manier van tv-kijken: TV Anytime, Anywhere.

Via de applicatie Joost kunnen gebruikers op elk gewenst moment via internet gratis tv-programma`s bekijken. Bovendien kunnen programma`s worden stilgezet, details worden uitvergroot en zoekopdrachten worden ingevoerd. Joost is een initiatief van de Deen Janus Friis en de Zweed Niklas Zennström. Ze werken vanuit een kantoor in Leiden en waren eerder betrokken bij Kazaa en Skype.
Momenteel kunnen 70.000 proefpersonen gebruikmaken van Joost. Het aanbod van gratis programma`s is nog niet indrukwekkend. Naast oude afleveringen van Lassie zijn er Japanse animatiefilms en beelden van The Indy Race en muzikale optredens. Het geluid en het beeld hebben een hoge kwaliteit en vertonen geen haperingen. Joost maakt gebruik van peer-to-peer technologie, in tegenstelling tot bijvoorbeeld de videosite van de Publieke Omroep, en is gebaseerd op de technologie waarop Skype steunt. Joost is in onderhandeling met tv-producenten om hun content op het netwerk toe te laten. In tegenstelling tot veel andere peer-to-peer applicaties is er op Joost geen illegaal materiaal aanwezig. De meeste leveranciers kiezen ervoor om content te leveren in ruil voor een percentage van de omzet. Joost verkrijgt die omzet door reclame te verkopen rondom de programma`s.

Bron(nen): HP/De Tijd (16-3-2007; nr. 11, p. 67; 2 1/2 p.), maar kijk en experimenteer vooral ook op: http://www.joost.com/

Zand in de propaganda-machine

Eén van de langst bestaande ‘propaganda-machines’ zal wel het politieke campagne circus in de Verenigde Staten zijn. De invloed van de massamedia en de wijze waarop deze ingezet (lees: gemanipuleerd) worden door de spin-doctors van de kandidaten is maar al te bekend. In ieder geval buiten de VS…

Nu lijkt het erop alsof ook deze mega-media-machine begint te haperen onder de druk van de burger. Spin-doctors zijn niet meer alleenheersers op gebied van publieke opinie.

Iemand (het is niet bekend wie) heeft een parodie-filmpje over Hilary Clinton gemaakt en op Youtube geplaatst. En beide presidentskandidaten schijnen hier niet blij mee te zijn. Ze hebben er namelijk geen controle over, en dat is natuurlijk beangstigend…

,,Kandidaten omarmen internet omdat het een effectief middel is om snel veel geld te verzamelen en handig om mensen te mobiliseren,’’ zegt campagne-expert Tinkham. ,,Maar het web heeft ook een belangrijk nadeel. Kandidaten zijn niet meer als enige eigenaar van hun boodschap. Ze kunnen de informatiestroom niet meer beheersen. En dat is precies wat een presidentscampagne nodig heeft om succesvol te zijn.’’

Het filmpje staat in de vodpod (rechtsonder).

Bron: AD, 22 maart 2007, http://www.ad.nl/buitenland/article1201963.ece

Consument loopt nog niet warm voor mobiele reclame

De consument loopt nog niet warm voor mobiele reclame. Dat blijkt uit een recent onderzoek van Forrester. Van de ondervraagde consumenten gaf bijna 80% aan dat zij geen mobiele reclame op hun gsm willen ontvangen. Volgens Russell Buckley, directeur voor AdMob in Europa, is dat ook logisch, omdat mensen hun mobiele telefoon als iets persoonlijks zien. Als er al geadverteerd wordt op de mobiele telefoon, dan moet dat dus subtiel aangepakt worden. Buckley ziet echter wel kansen voor mobiele reclame.
Wel zal mobiele videoreclame minder snel aanslaan. Dat komt doordat providers geen onbeperkte downloads voor een bepaald vast bedrag beschikbaar stellen. Volgens Chris Arens, hoofd marketing van mobiele reclamedienstverlener Ad Infuse, is er echter wel een mogelijkheid voor videoreclame op de mobiele telefoon. 90% van de consumenten ziet liever een gesponsorde download dan dat zij moeten betalen voor de download. Als adverteerders dus zorgen voor een soort sponsoring, kan mobiele videoreclame kans van slagen hebben. Het zal echter nog lang duren voor mobiele reclame echt populair is. Er zijn nog maar weinig adverteerders bezig met mobiele reclame en daardoor liggen de tarieven ook veel hoger dan die van online of televisiereclame.

Bron(nen):
Tijdschrift voor Marketing (maart 2007; nr. 3, p. 42; 1 1/2 p.)

VNU BME richt zich op Nederlandse markt

De Europese vakbladendivisie van VNU, die eind 2006 voor circa 320 miljoen euro in handen kwam van het Britse private equity fonds 3i, gaat zich in de toekomst vooral toeleggen op de Nederlandse markt. `Groeien in Nederland is nu de ambitie`, aldus ceo Erik Hoekstra van VNU Business Media Europe. `We redeneren nu vanuit Nederland en willen in andere landen alleen actief zijn als we met een soortgelijk portfolio als in Nederland een sterke positie kunnen verwerven.`
3i is naar eigen zeggen van plan om van VNU BME een harde groeier met leidende posities te maken. Opvallend is daarom de verkoop van de goedlopende Britse divisie aan mediabedrijf Incisive. De Britse divisie was na de Nederlandse de grootste met een omzet van 42,5 miljoen pond. Volgens Hoekstra is met de verkoop van de Britse activiteiten niet een grote uitverkoop ingezet. De Britse divisie was eenvoudigweg niet sterk genoeg. Hoekstra gaat wel de bescheiden Italiaanse, Spaanse, Duitse, Franse en Belgische activiteiten tegen het licht houden. `We bekijken of we ons er kunnen versterken, of dat verkoop het beste is. Binnen een jaar zal duidelijk zijn in welke gebieden we actief blijven.` In 2006 boekte VNU BME, exclusief de inmiddels verkochte Britse activiteiten, een omzet van 200 miljoen euro. De Nederlandse tak is goed voor de helft van die omzet en het grootste gedeelte van de winst.

Bron(nen):
Fem Business (3-3-2007; nr. 9, p. 42; 1 1/2 p.)

Web 2.0… Privacy – Aflevering 2

Nu werk ik echt niet bij E&Y, en heb ik ook geen voorpublicatie gezien van het meest recente Mediabarometer-rapport dat op 13 maart jl. is gepubliceerd. Maar toevallig vlak nadat ik mijn ‘ingeving’ had (zie vorige post):
“Stormachtige groei privé-foto’s en video’s op internet”

“Het plaatsen van privé-gegevens wordt onderschat. Het is leuk om op deze manier ‘oude bekenden’ via het web te ontmoeten, maar bij sollicitaties checken werkgevers ook internet. Als je je persoonlijkheid online allerlei rare dingen laat doen, kan het een interessant sollicitatiegesprek worden. Ook komt het voor dat de plaatser van de gegevens overspoeld wordt met negatieve reacties. Commentaren op internet zijn soms echt meedogenloos. Natuurlijk zijn er onnoemelijk veel voordelen. Hyves biedt bijvoorbeeld mogelijkheden om gericht te adverteren en ook Youtube heeft een nieuwe dimensie aan reclamecreativiteit toegevoegd. Het is veel makkelijker om filmpjes bij een doelgroep te krijgen.”

http://www.ey.nl/?pag=788&nieuws_id=2907

Web 2.0 enzo … privacy?

Grappig… ik realiseerde me net iets. Naarmate er meer mogelijkheden komen om via internet te kopen, te schrijven, uit te wisselen, mee te bouwen, etc. wordt ook mijn drempel lager om meer van mezelf bloot te geven.

Sinds ik aanraking ben gekomen met internet (1994), heeft de groei mijn wantrouwen en neiging tot zelfbescherming min of meer gelijke tred gehouden met de groei van het internet, en alle mensen (bedrijven) met kwade bedoelingen op het grote boze web…

Even terugkijkend op de 2.0 storm van de afgelopen twee jaar,  realiseer ik me nu dat het internet echt weer van de mensen is geworden. Mijn medewebbers en ikzelf; we zijn opgegroeid. We zijn ondertussen oud en webwijs genoeg om onze eigen boontjes te kunnen doppen.

Web 2.0 (om dat label nog maar even te gebruiken) markeert dus een logische stap in onze groei. En is dus (helaas?) geen revolutie, ook geen evolutie, maar opgroeien.

Voorspellen epidemische waarde van viral marketing

Viral marketing kennen we ondertussen wel. Vooral van de successen. De filmpjes die je van welwillende bekenden in totaal zo’n drie keer via de mail voorbij ziet komen. “Moet je dit eens zien, lachen!”
Maar hoe zit het met mislukkingen? Aangezien de ‘besmettelijkheid’ van een niet geslaagde viral marketing campagen niet al te groot is, is de kans ook klein dat we er mee in aanraking komen. Logisch.

Nu is gebleken dat vooraf bepaald kan worden hoe ‘besmettelijk’ een viral campagne zal zijn. Onderzoek door One to One Interactive and Innerscope Research wijst uit dat met 77% nauwkeurigheid de populariteit van videos voorspeld kan worden, puur door meting van fysiologische reacties van proefpersonen.

Hier de originele post voor verdere studie: http://www.neurosciencemarketing.com/blog/articles/viral-video-and-neuromarketing.htm

Dit is volgens mij niet echt iets nieuws, wel leuk dat het is toegepast op iets ‘hots’ als viral marketing. Maar wat is de waarde? Ik kan me niet voorstellen dat creatieve geesten met weinig budget (deze laatste is vaak een voorname factor in viral marketing campagnes) geld overhebben voor een dergelijke proef vooraf.

Laat staan zin…

Follow

Get every new post delivered to your Inbox.