Google + & –

Google lijkt eindelijk te een winner te hebben op social networking gebied. Na een indrukwekkend track record van mislukte sociale netwerk initiatieven, te beginnen met Orkut en meest recent Buzz, is de lancering van Google + een groot succes. Na een paar weken zoemen rond het sociale web, heeft + nu meer dan 20 miljoen gebruikers, die meer google-plus-logodan 10 miljard berichten per dag delen. Zal + een blijvertje zijn?

Laten we even kijken of wat er anders is deze keer…

De timing en de wijze van lancering.
Google’s timing lijkt deze keer erg goed te zijn geweest. Hetzij door toeval, of de Google jongens en meisjes zien dingen gebeuren en zijn in staat om er goed naar te handelen. Wat ik zelf heb gemerkt de laatste tijd, en ook wel besproken heb met anderen, is iets wat ik social media fatigue (vermoeidheid) zou willen noemen. Mensen beginnen te minder belangstelling en participatie laten zien, en misschien zelfs een ‘been there, done that’ houding ten toon te spreiden. Ook, met privacy als een hot topic in hedendaagse westerse samenleving zijn mensen beter steeds op hun hoede van de ‘Facebook-manier’ van werken.

En + is nieuw en daarom dus interessant. Een twitter-‘power-user’ als Robert Scoble plaatste zelfs op + dat hij nu is uitgekeken op Twitter (en veroorzaakte daarmee gelijk een grote discussie). En natuurlijk, de typische manier waarop Google de invoering van + deed, alleen op uitnodiging, maakt dat mensen het willen. Well played by Google.

Functies
Vele reviews van het +-platform en de interface zijn gepubliceerd de afgelopen weken. Ik zal niet de moeite nemen dat te herhalen, of proberen nog iets nuttigs daaraan toe te voegen. Zoals we kunnen verwachten van Google, is de interface ‘clean’, heeft het Drag-and-drop functionaliteit, maar het heeft ook een aantal leuke verrassingen. Het is intuïtief en overal toegankelijk (op al je apparaten). Check bijvoorbeeld Mashable of Read Write Web voor goede reviews.

Van ‘Social Graph’ naar ‘Interest Graph’; van het tekenen van lijnen tot het maken van cirkels
Online sociale netwerken hebben de zogenaamde social graph als basis. + Gebruikt dit ook natuurlijk, maar erkent het feit dat er meer aan relaties dan alleen maar wie je kent. Meer dan slechts lijntjes tussen mensen, en Google heeft hiervoor cirkels in het leven geroepen. De juiste vertaling hiervoor zou dan ook ‘kringen’ zijn. In het echte leven zal je over het algemeen met collega’s over andere dingen praten dan je zou doen tijdens een familie dinertje. En waarschijnlijk ook op een andere manier. + Geeft u uw kringen, en een manier om je echte leven onder te verdelen in je online levens (ja, meerdere).
Natuurlijk, Google gebruikt je social graph, bijvoorbeeld om suggesties voor vrienden te doen. Hoewel ik denk dat ik kan zeggen dat ik vrij diep in deze materie zit ben ik toch weer verbaasd over wat Google weet. Ik gebruik Google-services (zoals Gmail) al jaren, en dit is duidelijk terug te zien in +. En nu heb ik Google zelfs nog meer gegeven door het koppelen van mijn andere social networking profielen van Facebook en Twitter. Google heeft me trouwens zelf geïdentificeerd op Twitter… Oh ja, en mijn vrouw zag gisteren op haar Android (Google’s mobiele besturingssysteem) telefoon ineens een fotootje bij mijn naam komen!

Mijn conclusie is dat waar Facebook dit alles over je weet, zij het voornamelijk voor zichzelf houden en aan derden doorverkopen. In tegenstelling tot Facebook geeft Google een groot deel van de toegevoegde waarde van je social graph terug door middel van +. Daarnaast gebruiken ze bij Google de info natuurlijk ook voor hun eigen marketing-mechanismen (ze zijn ook niet dom).

Vrijheid en transparantie
Google neemt duidelijk een standpunt in dat je zelf eigenaar bent van je gegevens. Zo, die discussie is dus ook gedaan. Mijn social graph is van mij, punt uit. Beheren van je profiel en privacy-instellingen is gemakkelijk te vinden (in tegenstelling tot bij Facebook), je kunt je + account gemakkelijk verwijderen, maar voordat je zou besluiten om dat te doen, kunt zelfs je gegevens exporteren.

De waarde voor organisaties
Hoewel het officieel nog niet ‘mag’ van Google, zijn er een aantal bedrijven die profielen in + hebben aangemaakt. Een goed voorbeeld was Mashable Nieuws, hoewel ze recent geplaatst op + dat na gesproken te hebben met de “jongens bij Google” dat zij zich zullen gedragen en net als de rest wachten (!?). Waarom staat Google het nu niet toe? Wat is hun strategie met + in de richting van organisaties? Recent is bekend geworden dat ergens in Q3 bedrijfsprofielen mogelijk zullen zijn, met analyse functionaliteiten zoals in andere Google omgevingen (link).
Wanneer we kijken naar extern gerichte waarde, zou het voor de hand liggen voor organisaties om + profiel pagina’s, net als de Facebook fanpages, te krijgen. Op deze manier zullen organisaties een andere manier van interactie met hun klanten hebben. Wat + belooft in mijn ogen is meer functionaliteit, integratie met andere applicaties en – opnieuw – de overdraagbaarheid (portabiliteit) van gegevens. Wow, zullen bedrijven zelf deze gegevens bezitten? In staat zijn om in te lezen in hun marketing-en business intelligence-systemen?

En voor de integratie met de business processen, is het eenvoudig om toepassingen op gebied van customer support of product management te voorzien. Verder kijkend naar de intern gerichte waarde van +, ligt integratie met Google Docs en Apps voor de hand.
Er is al een zeer leuke nieuwe functie op + de naam Hangouts. Via deze webapplicatie kan men videobellen, chatten en samen kijken naar filmclips. Er is zelfs al een nieuw fenomeen ontstaan: hangout parties. In een meer zakelijke omgeving kan het ook worden gebruikt voor videoconferenties, waar de persoon die aan het woord is (of liever: het hardste praat) wordt weergegeven in het grote scherm.

Dus, het platform biedt veel aan individuen en belooft veel voor organisaties.

En hoe zit het met de -?
De gedachte achter + is goed, de implementatie is uitstekend, met ongetwijfeld nog meer goede dingen te komen. Tsja, zijn er dan ook ’s om op te noemen? Mijn enige echte bedenking zit ‘m in de beheersbaarheid van het + platform. Mensen maken meer en meer cirkels, voegen meer mensen toe, en hebben daarnaast nog de zorg voor hun vrienden en kennissen op Twitter, LinkedIn en Facebook. De zorg die ik heb ligt in wat Clay Shirky zogenaamde ‘filter failure’ noemt. Hoe zullen mensen hiermee omgaan? Of zal Google de priority inbox functionaliteit op een bepaald moment in + toevoegen?

En wat denk je? Zal dit Google’s social network succes worden?

“Social Media” piekt in 2011 en is over in 2013

De social media hype is momenteel op zijn hoogtepunt. Steeds meer bedrijven en mensen houden zich ermee bezig, bijvoorbeeld als ‘social media consultant’ of door ‘social media marketing’. Een andere indicatie is dat traditionele media ook steeds meer gebruik van maken van social media, zowel als kanaal als ook als populair onderwerp om te belichten in een uitzending of artikel. Voor mij tekenen dat ‘de massa’ is aangehaakt. In innovatietermen zal vervolgens de ‘late majority’ gaan aanhaken (zie Rogers), en zal de interesse vanaf dat punt gaan afnemen. In andere woorden: de hype-curve zal afzwakken.

Sinds enige tijd ben ik me gaan afvragen waar de social media hype nu staat, en wanneer deze ongeveer afgelopen zal zijn. Om mijn ideeën hierover te toetsen heb ik weer een van mijn favoriete tooltjes erbij gepakt:Google Insights for Search, en een vergelijk gemaakt met de internet hype voorafgaand aan de huidige rond social media: Web 2.0.

Social Media versus Web 2.0

Wanneer ik vandaag zoek op “social media” komen er op Google ongeveer 188.000.000 resultaten terug. Wanneer ik zoek op Web 2.0 komen er 39.500.000 terug. Hmmm… dat is onverwacht.
Ik had toch zeker gedacht dat Web 2.0, met een leven van ruim 5 webjaren, aanzienlijk meer hits zou hebben. Zeker als we de longtail meerekenen. Als ik me waag aan een interpretatie hier, is dit voor mij een indicatie dat de social media hype sneller tot een hogere piek is gekomen dan Web 2.0. Naast het gegeven dat het absolute zoekvolume hoger ligt dan vijf jaar geleden, heeft dit waarschijnlijk te maken met drie factoren:

  • Meer mensen zijn online,
  • Mensen zijn meer bezig met ‘online zijn’,
  • Web 2.0 was toch nog grotendeels technisch, terwijl social media echt voor Jan en alleman is. Toch?

Via Google Insights kun je goed verschillende zoektermen vergelijken, uiteenzetten in tijd, en zo trends afleiden. Gemeten wordt het relatieve zoekvolume, dus dit is een goede graadmeter van de populariteit van een onderwerp doior de tijd heen.  De twee zoektermen “Web 2.0” en “social media” heb ik naast elkaar in de tijd gezet, vanaf het begin gemeten. De term Web 2.0 raakte vanaf 2005 in zwang, dus vanaf dat punt is goed een trend te plotten. In onderstaande grafiek zien we de twee trendlijnen voor Web 2.0 en Social Media.

image

    Wat in deze grafiek opvalt is: 

  • de curve van Web 2.0 start begin 2005, was in 2007 op z’n hoogtepunt, en houdt in afnemende mate aan tot heden. Ik kom inderdaad nog steeds ‘laggards’ tegen die over Web 2.0 beginnen…,
  • begin 2010 is er een ‘cross-over’ geweest in populariteit, waarbij de social media als relatieve zoekterm – een indicator voor populariteit – Web 2.0 oversteeg, en dat in toenemende mate is gebleven
  • er is een trendbreuk geweest begin dit jaar met betrekking tot social media. We zien een kleine afname eind vorig jaar (de donkere dagen voor kerst) en vervolgens een steilere curve omhoog ten opzichte van de eerdere trendlijn. Dit is een indicatie dat mijn vermoeden juist is, en de social media hype sinds dit jaar is ‘overgeslagen’ naar de massa.
  • Wat betekent dit voor de social media trend? Mijn ideeën hierover zijn:

  • De social media trend piekt eerder en steiler dan de Web 2.0 trend deed. De time-to-mass is dus korter voor social media, en de adoptie zal uiteindelijker nog omvangrijker zijn,
  • de echte massa is nog niet bereikt, maar dat zal snel gaan komen,
  • de social media curve die nu steil oploopt, zal waarschijnlijk ook in tegenstelling tot de Web 2.0 curve steiler aflopen.

Conclusie:

Mijn verwachting is dat de social media trend in 2011 zal pieken, op de top komen en in 2012 de curve naar beneden zal inzetten.
Rekening houdend met een na-ijl-effect en de ‘laggards’ zal de trend in 2013 uitvlakken.

    En wat betekent dit voor alle ‘social media consultants’ (op Google 1.220.000 resultaten, op Linkedin een kleine 40.000)? In eerste instantie dus goed nieuws: het echte werk gaat nu beginnen, de vraag vanuit ‘de massa’ gaat nu loskomen. Maar, houd Google Trends in de gaten zodat je op tijd bent met je rebranding naar de volgende hype cyclus. Mijn advies: begin nu vast vooruit te kijken, en niet later dan 2012 switchen, he!

image

Overige bevindingen

Er vielen nog wat andere dingetjes op, waarvan ik in ieder geval de onderstaande even moet noemen vanuit een stukje trots op Nederland. Als klein kikkerlandje roeren we ons ook weer goed in de trend die social media heet. In de top tien belangrijkste regio’s staat Nederland nu op plaats 9, en in de top tien belangrijkste plaatsen staat Amsterdam op een eervolle tiende plaats (Londen staat op 11).

Dus, Nederland zoekt veel op social media. Hopelijk betekent dit niet dat we er weinig vanaf weten…

Voorspellen van de winnaar: #TVOH

Vandaag heeft Hyves een persbericht naar buiten gebracht, waarin ze op basis van een enquete onder 40.000 mensen én op basis van het aantal social media connecties voorspellen wie vanavond de winnaar van het populaire programma The Voice of Holland zal zijn (#TVOH). Volgens Hyves, en trouwens vele anderen, zal vanavond Ben Saunders als winnaar uit de bus komen.

hyves-voice-4

Nu denk ik niet dat het aantal volgers de doorslaggevende factor voor de uitkomst is, al is het natuurlijk wel een goede indicator voor de populariteit van de deelnemer.

Er zijn onderzoeken gedaan naar de voorspellende kracht van social media, waarbij wetenschappelijk wordt aangetoond dat social media bronnen inderdaad kunnen worden geanalyseerd om voorspellingen te doen. Een onderzoek van Asur en Huberman, Predicting the Future With Social Media, toont aan hoe social media content (niet zozeer connecties) kan worden gebruikt om voorspellingen te doen over gebeurtenissen in de ‘echte’ wereld. Ze gebruikten hiervoor Twitter om box-office revenue voorspellingen te doen voor films die in premiere gingen. Ze ontdekten dat bijvoorbeeld de snelheid waarmee tweets over bepaalde onderwerpen werden geplaatst een betere indicator is dan reguliere indicatoren.

Als we hiermee rekening houden, dan is de voorspelling van Hyves misschien wat voorbarig. De echte ‘chatter’ op Twitter barst pas vanavond los, tijdens de uitzending. Vanavond zal Nederland wel weer op de kaart staan als #TVOH worlwide trending is…

Om een beetje een beeld te geven van de uitkomsten van sentiment analyse, heb ik even snel de vier kandidaten ingevoerd in de gratis online tool social mention. Hoewel ook dit *disclaimer* niet wetenschappelijk is, is het een leuke illustratie om op een andere manier te kijken naar hoe er over de kandidaten wordt gesproken. In plaats van hoeveel mensen een follower & friend relatie met een (of meerdere) kandidaten hebben.

Hier zijn de printscreens van de resultaten op basis van Twitter (timestamp: 10:20)

image

En wat zegt dit dan? Ja, als we kijken naar Passie, Sentiment en Reach is Ben Saunders inderdaad de gedoodverfde winnaar.

Maar als ik eerlijk ben bewijst dit natuurlijk weinig. Het echte werk moet vanavond gebeuren, zowel op het podium als op twitter, als uiteindelijk via de SMS.

De Psychologie van een Epidemie

Na de mediagolf van 2009 weer terug in het nieuws – de Mexicaanse griep:

In Nederland zijn in de eerste week van het jaar vier mensen overleden aan de Mexicaanse griep. Inmiddels zijn er 148 mensen opgenomen in een ziekenhuis met de ziekte, van wie het merendeel de afgelopen week. (bron: RIVM, 13 januari 2011).

Naast de Mexicaanse griep, wordt er ook breed aangekondigd dat ‘de Griepepidemie eraan komt’.

De griepepidemie staat voor de deur. In de eerste week van 2011 werden 87 griepgevallen op de 100.000 mensen gemeten, meldt het RIVM.

Google Flu trends is een project van Google.org (niet .com dus) dat aan de hand van zoektermen wereldwijd kan voorspellen of ergens sprake zal gaan zijn van een griepepidemie, en deze gegevens vervolgens vergelijkt met de daadwerkelijke situatie. De nauwkeurigheid van de voorspellingen lijkt  aardig groot te zijn.
Als we kijken naar Google Flu trends voor Nederland zien we dat de griepactivitieit in inderdaad hoog is (oranje kleur). Aan de donkerblauwe lijn kunnen we zien dat de huidige trend de piek van vorig jaar lijkt te volgen.

image

Wanneer we Google Insights for Search gebruiken om de trend in zoekgedrag te zien, kunnen we zien dat het ongeveer heel 2010 stil is geweest rond de Mexicaanse griep.

image

Nou, leuk allemaal, maar wat hebben we nu aan al deze informatie en media-aandacht? Gaan we door dit soort berichten binnenblijven?

Het verrassende antwoord lijkt te zijn: ‘ja’. Onderzoek naar aanleiding van de pandemie vorig jaar toont aan dat mensen daadwerkelijk hun gedrag aanpasten als gevolg van de berichtgeving (Goodwin et al., 2009), hoewel hier sterke regionale (cultureel-maatschappelijke) verschillen in bestonden. Zo was ruim een kwart van de respondenten ‘very concerned’ over de mogelijkheid zelf slachtoffer te worden, meer dan een derde verminderde het gebruik van het openbaar vervoer en bijna 40% zag af van geplande vliegreizen.

Maar hoe zit het met de vaccinaties tegen de Mexicaanse griep? In Nederland is er veel ophef over geweest, en aardig wat weerstand met name onder de groepen die min of meer verplicht werden een vaccinatie te halen (zoals mensen in de zorg). Blijkbaar was dit ook in Frankrijk het geval, zoals dit onderzoek aangeeft:

We found that alarming public health messages aiming at increasing the perception of risk severity were counteracted by daily personal experience which did not confirm the threat, while vaccine safety was a major issue. This dissonance may have been amplified by having not involved primary care physicians in the mass vaccination campaign.

De conclusie was dat de dagelijkse praktijk van mensen niet aansloot bij wat de overheid communiceerde. Diverse onderzoeken wijzen uit dat de perceived risk van de Mexicaanse griep vergelijkbaar was met de gewone griep, terwijl de perceived risk van het vaccin veel groter was. Omdat er veel vraagtekens waren bij de veiligheid van de vaccins, aangezien deze onvoldoende waren getest, was uiteindelijk de bereidheid tot vaccinatie laag. `

We moeten nog zien hoe deze nieuwe golf uitrolt, maar als we kijken naar de vorige keer kunnen we concluderen dat er veel maatschappelijke onrust is onstaan, maar het overgrote deel van de mensen na wat spierpijn, keelpijn en koorts gewoon weer de oude was. En in 2010 nooit meer omgekeken heeft.

Wat we verder moeten onthouden is dat elk jaar de ‘gewone’ seizoensgriep in de VS zo’n 30.000 sterfgevallen veroorzaakt. Vooral ouderen met klachten aan longen, hart of nieren. Het verschil met de Mexicaanse griep, volgens de berichtgeving in de media, is dat met name jonge mensen gevoelig blijken te zijn. Maar ook dan vaak in combinatie met andere klachten. Maar de beeldvorming in de media – nieuw virus, sterfgevallen jonge kinderen, etc. draagt zeker bij aan de angst die bij het grote publiek ontstaat.

Zelf ben ik trouwens ook niet ongevoelig voor media-beelden. Onderstaande foto in de krant was voor mij de doorslaggevende factor vorig jaar om te besluiten niet te gaan inenten…

Tot slot, wat doe je tegen de griep (ook volgens Google):
Griep (influenza) verspreidt zich door hoesten en niezen. Drie eenvoudige maatregelen beperken dit risico:

  1. Gebruik een papieren zakdoekje of dek neus en mond af met uw arm wanneer u hoest en/of niest.
  2. Was uw handen vaak.
  3. Blijf thuis wanneer u ziek bent. Raadpleeg zonodig uw arts en volg zijn/haar advies.
  4. Daaraan wil ik nog toevoegen: maak je vooral niet onnodig en voortijdig druk als gevolg van alle media-berichtgeving. Wat zou je doen als je al deze – vaak onduidelijke en onnodig sensationele – informatie niet had? Wat als je nu niet gaat googlen, twitteren, krabbelen… Juist.

    Zo simpel kan het zijn.

Artikel in Metro: Waarom is asocialiteit zo succesvol?

Onlangs ben ik door Elles Verheijen van Metro geinterviewd over asociaal gedrag in de media, naar aanleiding van de release van de New Kids film

 Waarom is asocialiteit zo succesvol?

  Asociale figuren doen het goed op televisie en het witte doek. In 1986 waren er al de Flodders die iedereen   shockeerden met hun gro­ve taalgebruik en ordinaire uiterlijk. Daarna volgden onder an­dere de Tokkies, Oh Oh Cherso en momenteel natuurlijk New Kids. De film New Kids Turbo heeft in het openingsweekend al bijna anderhalf miljoen euro op­gebracht.

De Brabantse mannen vechten, schelden en zuipen erop los, maar waarom is dat nou zo grappig?

Hier de link: http://www.metronieuws.nl/entertainment/waarom-is-asocialiteit-zo-succesvol/SrZjln!AA9h85PwTSAh/

En vast een paar soundbites:
” Volgens mediapsycholoog William Rice is die tegenstrijdigheid [tussen echte leven en gemedieerd] te verklaren doordat televisie als medium een veilige afstand creëert. “Er zijn geen gevolgen voor de kijker, maar die is wel nieuwsgierig naar andere subculturen”

“Worden we dan zelf ook asociaal door het kijken naar dergelijke programma’s? Rice denkt van niet. “We zullen het gedrag niet direct kopiëren, maar er kan wel verharding optreden.” We worden dus steeds minder gevoelig voor asociaal gedrag.”

“Wat als asociaal wordt be­stempeld, verandert mee met de heersende normen in de maatschappij en is daarom telkens weer anders.”

En nu maar wachten wat de opvolger van Big Brother (Endemol/SBS) ons zal gaan brengen…
 Zie ook: www.jaikwilmeedoen.nl

Mediahype: Oh Oh Cherso

Er is weer een hit uit de reality TV hoek: Oh Oh Cherso. Het programma is erg populair, iedereen praat erover en de potentiële spin-off is groot. Het clubje treedt zelfs op in den lande…

Maar wat is het programma nu eigenlijk, waarom is het een hype en waarom vinden we het leuk?

Laten we eerst beginnen met een korte beschrijving: 8 jongeren uit Den Haag mogen op kosten van Eyeworks (de producent) drie weken samen in een huis op Chersonisos vakantie vieren. Dit is een goed recept voor wat ‘leuke TV’ heet.

Wat we zien is een sociaal experiment dat zich aan ons ontvouwt. Het programma bouwt voort op de beproefde reality TV principes zoals we die kennen sinds Big Brother , maar gezet in deze tijdsgeest, en met wat andere regels. Of zijn er helemaal geen regels?

Het concept van deze programma’s drijft op het laten ontstaan van sociale druk. De formule:
– Men neme een aantal – ietwat onaangepaste – mensen en stopt ze samen in een huis (Big Brother).

– Stimuleer of creëer conflict situaties (De Gouden Kooi)

– Maak een mooie mix van jonge jongens en meisjes en zorg dat sociale remmingen zo weinig optreden door ze uit hun normale omgeving te halen (Jersey Shore), en door grote hoeveelheden alcohol door ze te laten spoelen. Nu moet gezegd worden dat ze niet gedwongen worden te drinken, maar ja…

Maar waarom is het een hit?

Ten eerste was er, geheel in lijn met deze tijd, al publiek geworven door crossmediale campagnes. Via tv trailers en social networks (facebook, hyves, youtube) werd het programma aangekondigd, en zoals dat vandaag de dag gaat met goed gesocialmarketede producten werd Oh Oh Cherso viral nog voordat het programma op televisie was geweest.

Na de eerste uitzending werd het nieuwe fenomeen opgepikt door reguliere media, met een mass exposure via een optreden van de jongeren in De Wereld Draait Door. Meer hierover is te lezen in dit artikel.

Het programma werd dus ‘gehyped’, via social media (viral) en traditionele media (massacommunicatie), en wordt hierdoor massaal bekeken en besproken.

Maar er is nog iets. Iets waardoor dit programma extra spraakmakend en populair lijkt te zijn. Het is een cocktail van jeugd, losbandigheid, zorgeloosheid, en humor (grappig doen, grappig praten, grappige uitdrukkingen, grappen maken). We hebben te maken met personen uit een bepaalde subcultuur die al in het verleden het goed blijkt te doen op TV : het Haagse (uitgaanscircuit), en deze personen zijn ook leuke persoonlijkheden. Ze hebben allemaal bijnamen (behalve één) en het is een  goede mix van ‘persoonlijkheden’ (goed castingwerk).

Eigenlijk vinden we (wij zijn natuurlijk wel netjes, sociaal, welopgevoed, etc. – we kijken tenslotte de wereld draait door) dat we uit principe niet naar dergelijke  ‘platte tv’ horen te kijken.

En toch intrigeert het, omdat het zo anders is dan onze eigen leefomgeving. Of voor een groot aantal jongeren misschien juist zo herkenbaar.

Vraag maar eens wat mensen voor redenen verzinnen om aan te geven dat ze ernaar kijken. Het antwoord is waarschijnlijk niet dat ze het gewoon leuk vinden. Eerder zullen ze vaak proberen het te intellectualiseren door te zeggen dat ze het een interessante blik vinden in de wereld van de jeugd, of iets dergelijks.

Maar naast al die dingen, is het gewoon ook grappig natuurlijk.